3 april 2007: openingstoespraak waarnemende Gouverneur voor de cyclus Democratie & Deugdzaamheid

Geachte aanwezigen, dames en heren,

 

Het is mij een groot genoegen het openingswoord te mogen houden voor de Cyclus Democratie en Deugdzaamheid, die door de Universiteit van de Nederlandse Antillen is opgezet. In het kader van deze cyclus zal in de loop van dit jaar een keur aan sprekers hier in de aula van de UNA hun opwachting maken om ons te onderhouden en te inspireren over onderwerpen die in het thema Democratie & Deugdzaamheid passen.

 

Vanavond zal professor Kees Schuyt de spits afbijten. Daarmee heeft de UNA niet bepaald de eerste de beste spreker weten te strikken voor de opening van deze cyclus. Het zou te ver voeren om hier te gaan uitweiden over de bijzondere kwaliteiten en verdiensten van professor Schuyt, maar niet mag onvermeld blijven dat hij eerstverantwoordelijk was voor het rapport “Waarden, normen en de last van het gedrag” van de (Nederlandse) Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) uit 2003. Daarmee is meteen de brug naar het thema van deze cyclus geslagen.

 

Waarom deugdzaamheid en waarom democratie en wat hebben ze met elkaar te maken? De overheid heeft ten aanzien van de deugdzaamheid, van de waarden- en normenproblematiek, een primaire taak in het bewaken van de gemeenschappelijke waarden. Met name in die van de democratische rechtsstaat. Stimulering van een publieke moraal is belangrijk voor een samenleving. Publieke gezagsdragers moeten zelf het goede voorbeeld geven voor een integer openbaar bestuur.  

 

Integer openbaar bestuur veronderstelt bestuurders die het algemeen belang van de gemeenschap, het welzijn van de bevolking voor ogen houden.  Integriteit van bestuurders is een van de belangrijkste voorwaarden voor het vertrouwen tussen burgers en het openbaar bestuur en tussen burgers onderling. De in het WRR-rapport geciteerde Amerikaanse hoogleraar Stephen L. Carter zegt het aldus: (ik citeer) “integriteit is een primaire deugd die de eigenwaarde van de ik-persoon betreft, namelijk instaan voor wat je meent en doet en oprecht menen wat je zegt, er geen show van maken of omwille van de indruk die je wilt maken afwijken van de vereiste eerlijkheid of van het opkomen voor een eigen mening. Integriteit is een deugd voor bestuurders en bestuurden” (einde citaat).

 

Hoe wordt in een democratie – die tevens een rechtsstaat is – deugdelijk bestuur verwezenlijkt? Door verkiezingen? Of door referenda? Dat is misschien één aspect.    

 

Maar ook door checks & balances, transparantie, toezicht, verantwoording en - ik zei het al - integriteit. Hoe bereik je dat? Natuurlijk door het werken aan goede bestuurlijke, institutionele structuren, maar ook door een bezinning op de bestaande bestuurlijke cultuur. En niet te vergeten door een kritische en mondige bevolking. Want wat heb je aan transparantie en verantwoording als je geen geïnteresseerd gehoor hebt? Maar hoe bereik je dát dan weer? Voor een deugdelijk functionerende democratie is het van fundamenteel belang om te investeren in onderwijs. Er zijn vele manieren waarop scholen hun maatschappelijke taak ten aanzien van waarden en normen, deugdzaamheid en democratie kunnen vervullen. De WRR suggereerde daarbij niet zozeer een vorm van hoogdravend deugdenonderricht, maar eerder aanpassing van het bestaande curriculum waarin burgerschapsvorming is opgenomen. Maar de belangrijkste aanknopingspunten zitten in het schoolklimaat en de relatie van de school als integrale leeromgeving met haar omgeving. In de eerste plaats moeten we dan denken aan het handhaven van de eigen normen en waarden in het onderwijs. Verwezenlijking van normen en waarden wordt het best bevorderd door deze zelf te praktiseren. Maar ook kan worden gedacht aan het betrekken van leerlingen bij de vaststelling van regels op school en bij conflictregulering.

 

Maar nu weer terug naar Carter: hij pleitte voor een etiquette voor democratie. Uit het oogpunt van democratie is het van groot belang dat vaardig burgerschap wordt mogelijk gemaakt. Waarachtigheid, empathie, respect voor andere meningen, verantwoordelijkheidszin, het zijn alle deugden die in een moderne democratie onontbeerlijk zijn. Het zich kunnen verplaatsen in andermans positie, zichzelf en anderen kunnen vertegenwoordigen, onderscheidingsvermogen, respect voor andermans rechten en opkomen voor de eigen rechten. Ze kunnen worden gezien als oefeningen in democratie en rechtsstaat.

 

Dames en heren! Ik kom tot een afronding, want ik maak graag ruimte voor professor Schuyt voor wiens lezing wij hier vanavond allen zijn gekomen. Het zal u duidelijk zijn dat ik het initiatief van de UNA voor deze lezingencyclus van harte ondersteun en dat ik uitzie naar de debatten die mogelijk – en hopelijk niet alleen in deze aula- in gang worden gezet.

 

Met veel genoegen verklaar ik de Cyclus Democratie en Deugdzaamheid voor geopend.

Ik dank u voor uw aandacht.